Lelies zijn zomerbloeiende bloembollen, die hun kleuren laten zien in juni en juli. Plant de lelies in de herfst, van oktober tot december, of in het voorjaar tot april. Doe dit wel buiten de vorstperiode. De bollen kunnen dan kapot vriezen als ze de grond in gaan. Toch raden we je aan om lelies zo vroeg mogelijk de grond in te stoppen. Lelies die vroeger zijn geplant, hebben langer de tijd om te wortelen en worden sterker door de lagere temperaturen. Hierdoor worden de bloemen uiteindelijk groter, groeien ze hoger en worden ze sterker.
Lelies houden van veel zon, maar wel met koele voeten. Plant de bol dus op een plek met genoeg zonlicht die je eventueel af kan dekken voor verkoeling. Houd daarnaast de grond altijd licht vochtig. De bodem moet goed lucht en water doorlatend zijn voor de bollen om goed te kunnen groeien. Meng de aarde met verse potgrond of meststoffen om de kwaliteit te verbeteren. Lees goed voor het planten van de bollen de verpakking. Sommige lelies kunnen goed tegen kalk in de grond terwijl andere soorten er niet tegen kunnen. Weet je het niet zeker? Ga dan voor een lichtzure grond. Daar kunnen alle lelies goed in groeien. Om de zuurgraad van jouw tuin te bepalen, kan je een pH-waarde test laten doen.
Gebruik een praktische plantenschep of een speciale bloembollenplanter als je de bollen in de grond stopt. Plaats de leliebollen met de punt naar boven en de wortels naar onderen in een plantgat dat drie keer zo diep is als dat de bol groot is. Plant de bollen ongeveer 20-25 cm uit elkaar. Maak bij een groot oppervlak eerst een groot plantgat en plant de leliebollen tegelijkertijd in de grond. Vul het gat weer op met potgrond voor bloembollen en druk de aarde aan. Als de grond erg droog voelt, geef je een scheutje water bij. Leliebollen kunnen over het algemeen goed tegen kou. Bij extreme vrieskou, regenval of harde wind raden we wel aan de bollen te beschermen door middel van noppenfolie.
Lelies in een pot planten